Posts tonen met het label Slager Schripsema. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Slager Schripsema. Alle posts tonen

maandag 3 oktober 2011

Slagergezin





Zoals middenstandsgezinnen in mijn jeugd leefden, dat komt denk ik niet veel meer voor. Wij waren eigenlijk ook geen gezin, maar een slagerij. In mijn kamer kon ik goed ruiken welke worstsoort er gemaakt werd. De weeïge geur van leverworst met bijbehorende vochtige dampen trok door alles heen. Mijn kamer bevond zich boven het rookhok, waar de worsten hingen te drogen of gerookt werden. 

Als mijn vader in de winkel karbonades aan het hakken was, konden we dat overal in het huis horen. Niet dat je er speciaal naar ging luisteren, maar het was gewoon een vertrouwd onderdeel van onze omgeving. Het hakmes maakte twee tussentikjes op het zware hout, en dan ging het TJAK! precies tussen de botjes door. 
Vaak stond ik in de winkel naast het hakblok te kijken hoe mijn vader het vlees afsneed. Zijn trefzekere en vaste hand nam ik zonder nadenken in mij op. De inzet was altijd perfect afgewogen, niet te langzaam en niet te hard. Het mes moest scherp zijn. 'Niet duwen, maar snijden' zei hij een keer tegen een van de knechten. 't Is net of ik alles nog weet. Het opnemen van de telefoon, het noteren van bestellingen. Dan moest een van ons naar een mevrouw in de buurt om het vlees te brengen.

Onze keuken bevond zich vlak achter de winkel. Tussen de middag bleef die gewoon open, en als het druk was hoorden mijn broer en ik de bel doorlopend gaan, terwijl het eten van onze ouders op tafel koud stond te worden. We legden er dan een omgekeerd bord overheen want de klanten gingen altijd voor.


Nog een advertentie van opa, 1927

woensdag 28 september 2011

Publiciteit

Mijn opa deed niets liever dan vissen in het Reitdiep. Als jongen ving hij op een zondag zo'n enorme snoek, of was het nou een zalm? in elk geval het was zó bijzonder, dat er de week erop een nieuwsberichtje over in de krant kwam. Op die manier verraadde hij zichzelf want zijn ouders kwamen erachter dat hij toen dus niet naar de kerk was gegaan. Het bracht hem niet tot berouw. Integendeel, er is vaak en hard om gelachen tijdens verjaardagen. Dat krantenberichtje heeft lang ingelijst bij mijn grootouders aan de wand gehangen. 

In de Nieuwe Ebbingestraat waren in de jaren twintig en dertig zo'n 8 slagerijen, dus mijn grootvader zette al zijn creativiteit in om zich te onderscheiden van de anderen. Een joodse veehandelaar moest met een goed geschapen os komen, zodat hij zich met het beest voor zijn winkel kon laten fotograferen. Wellicht is de foto in het Nieuwsblad van het Noorden verschenen. Dat hij (een gierig man) geld uitgaf aan reclame zegt ons wel iets over zijn handelsgeest.
In die krant adverteerde hij ook wekelijks met imponerende teksten en beweringen. Ik stel mij voor dat hij daar hele avonden mee aan het schrijven en denken was. De kop moest natuurlijk pakkend zijn: 
   Hou dut kerel 't er veur! (waar doet die kerel het van)
   Of: Haast u niet, er is genoeg.
   Of: Waarschuwing.



Door de koninklijke bibliotheek zijn heel veel van dergelijke advertenties gescand en op internet gezet.